Auteursarchief: Marc Siepman

Tijd

Dat tijd relatief is weten we al tijden. Al lang voordat Einstein in 1905 zijn speciale relativiteitstheorie publiceerde merkten we dat onze tijdsbeleving verandert naarmate we ouder worden. Maar ongeacht je leeftijd duurt een week op vakantie langer dan thuis. Nieuwe ervaringen halen ons uit de automatische piloot: we zijn veel alerter, veel verbaasder, veel meer onder de indruk, we genieten meer. We leven in het nu. Mindfulness heet dat tegenwoordig. In het nu leven verandert je tijdsbeleving.

De reden dat we niet mindful zijn, is dat we continu bang worden gemaakt voor de toekomst. Daarin zijn veel mensen nogal fatalistisch: ze denken dat ze er zelf niets aan kunnen veranderen. En inderdaad: we kunnen de toekomst niet veranderen zolang we niet bereid zijn om zelf te veranderen. Veranderen is moeilijk, pijnlijk zelfs, maar het resultaat kan bevrijdend zijn.

We zijn geïndoctrineerd met het idee dat tijd geld is”

Het is een misvatting dat we geld nodig hebben om te leven. We hebben de Aarde als levend ecosysteem nodig om te leven. We hebben gemeenschapszin nodig. Maar geld is slechts een illusie die ons gevangen houdt. We werken om geld te verdienen, zodat we leuke dingen kunnen doen. Maar waarom zouden we niet gewoon leuke dingen gaan doen? Slechts 1 op de 5 werknemers haalt voldoening uit zijn werk. Ze werken dan dus puur voor het geld.

Tijd is ook een illusie. We zijn geïndoctrineerd met het idee dat tijd geld is. Maar dan zou je jouw leven in Euro’s uit kunnen drukken en dat betekent dat jouw leven minder waard wordt als de euro minder waard wordt. Je weet dat dat natuurlijk onzin is, maar tegelijkertijd zie je het overal gebeuren. We accepteren slavernij en loonslavernij als onontkoombare feiten. Zodra je je tijd niet meer als geld ziet, neem je veel meer tijd voor de dingen die je belangrijk vindt.

Onze tijd is van onszelf en we kunnen die besteden aan die dingen die we belangrijk vinden en waar we energie van krijgen; aan onze passie dus. Als we ervoor zorgen dat we elke dag nieuwe ervaringen opdoen en dagelijks onze comfort zone groter maken – door onszelf ertoe te zetten om erbuiten te treden – dan verandert onze perceptie van tijd. In jaren uitgedrukt zullen we langer leven omdat we minder stress hebben: stress is een indicator dat je dingen doet die je eigenlijk niet wilt doen. En bovendien zal je leven langer lijken omdat je tijdsbeleving verandert. En omdat je leven ook leuker wordt, vind je dat niet erg.

Beginnen

Het opzetten van een groot project, een meenderij bijvoorbeeld, is geen sinecure. Je doet zoiets niet op een verloren maandagmiddag, het vergt veel denkwerk. Wat je veel zult horen bij een groot project is: je moet vooral beginnen.

Maar wat is beginnen? De een zal misschien het bedenken van het idee al beginnen vinden, terwijl de ander pas over beginnen spreekt als er gebouwd of geplant gaat worden. Zolang het idee in je hoofd zit, kun je niet echt van beginnen spreken. Maar zodra het idee de wereld ingestuurd is, analoog of digitaal, is er wel een begin gemaakt.

Maar zodra het idee de wereld ingestuurd is, analoog of digitaal, is er wel een begin gemaakt”

Sommige mensen zijn aanpakkers: ze beginnen gewoon en zien wel wanneer ze tegen problemen oplopen. Die lossen ze gaandeweg wel op. Anderen zijn denkers: ze zien problemen die anderen niet zien en soms ook oplossingen die anderen niet zien. De aanpakkers zullen tegen de denkers zeggen dat ze gewoon moeten beginnen, de denkers zien geen reden tot overhaaste beslissingen.

Wie er gelijk heeft? Daar gaat het helemaal niet om: beide type mensen zijn waardevol. Het gaat erom dat ze samenwerken en elkaar niet veroordelen op de manier waarop hun hersenen werken. Ze kunnen heel veel van elkaar leren, mits ze van elkaar accepteren dat ze anders in elkaar zitten en daar geen waardeoordeel over vellen. Want ook neurodiversiteit is van groot belang voor een veerkrachtige samenleving.

Kapitalisme

money_newheroEr wordt heel wat gezegd en geschreven over kapitalisme, maar een echt duidelijke omschrijving staat in Sacred Economics van Charles Eisenstein. Ik leg het in mijn eigen woorden uit.

De hele Aarde is een meent. Alles is van iedereen en alles. Het is onmogelijk iets te bezitten. Je kunt iets in gebruik hebben, maar het keert altijd terug naar de meent. Dat is de gang van zaken geweest tot een slordige zesduizend jaar geleden.

Sindsdien is er stapje voor stapje steeds meer aan de meent onttrokken. Vroeger was water schoon, nu moet je er voor betalen. Vroeger was voedsel overal en werd het gedeeld met iedereen, nu moet je er voor betalen. Huizen? Idem dito. Schone lucht? Jazeker! We worden van jongs af aan geleerd dat het nu eenmaal is zoals het is en dat je nou eenmaal geld nodig hebt om te leven. En we geloven het nog ook! En omdat we in het systeem geloven, worden we geboren met $28.000 schuld, die we onmogelijk af kunnen betalen. Er is namelijk niet genoeg geld om de schulden af te betalen! Het is een stoelendans: om je schuld af te betalen, moet je iemand anders in de schulden jagen.

We moeten zelf weer dingen teruggeven aan de meent: kennis, grond, boerderijen, zaden, water, voedsel, de lucht … “

Om het tij te keren heeft het geen zin om te lobbyen bij de overheid, want die zitten net zo goed in de tang bij het kapitaal als jij en ik samen met pak ‘m beet 99% van de wereldbevolking. We moeten zelf weer dingen teruggeven aan de meent: kennis, grond, boerderijen, zaden, water, voedsel, de lucht … Zo verdringen we het kapitalisme en krijgen we steeds meer van ons leven terug. Elke dag dat we daarmee wachten sterven er weer honderd tot tweehonderd soorten uit. Soorten die van niemand zijn, maar wel voor iedereen voor een bewoonbare planeet zorgen.

Oneindige exponentiële groei is onmogelijk op een eindige planeet, en wij kunnen die groei vertragen, stilzetten en omvormen naar krimp door gewoon te weigeren aan het kapitalistische model mee te werken. Dat is de enige manier waarop de mensheid enige kans heeft op overleven.

Systeemdenken

rubiks_kubusProf. dr. ir. Imke de Boer, Hoogleraar Dierlijke Productiesystemen aan de Wageningen UR, legt mooi uit waarom systeemdenken nodig is (vrije vertaling):

“Systeemdenken is het proces van begrijpen hoe verschillende componenten van een systeem elkaar beïnvloeden en hoe een systeem zelf wordt beïnvloed door de context waarin het zich bevindt.”

Systeemdenken is het proces van begrijpen hoe verschillende componenten van een systeem elkaar beïnvloeden en hoe een systeem zelf wordt beïnvloed door de context waar het zich bevindt.”

“Het doel van Rubiks kubus is om de kleuren die door elkaar zitten weer allemaal op hun eigen zijde te krijgen. De uitdaging van de puzzel zit ‘m erin dat de delen met elkaar verbonden zijn, waardoor je de zijden niet een voor een kunt oplossen. Als je aan een deel draait, draaien andere delen ook mee. Om de puzzel op te lossen, moet je je dus bewust zijn van de veranderingen die het verdraaien van een deel met zich meebrengt.”

“Vergelijkbare moeilijkheden duiken ook op in onze zoektocht naar duurzame voedselproductiesystemen. We kunnen niet een onderdeel ervan veranderen zonder dat andere delen meeveranderen.”

“Daarom hebben we systeemdenken nodig.”

Kennis

KennisHet is tegenwoordig erg makkelijk om bepaalde dingen niet te onthouden: als je het vergeten bent, dan zoek je het gewoon even op. Misschien lijkt dat op het eerste oog geen probleem, maar kennis is meer dan losstaande feitjes; het is de synthese van de kennis en ervaring die in de loop van de decennia opdoet. Je moet alles internaliseren en verbanden zien. Je hebt die parate kennis nodig om te kunnen systeemdenken.

Experts hebben een hele grote beperking: ze weten heel veel van iets, maar bijna niets van alle anderen dingen”

Als het om complexe zaken gaat, zoals klimaatverandering, dan heeft het niet veel zin ‘het even op te zoeken’. Je zult er een flinke studie aan moeten wijden. Zo zijn er natuurlijk een heleboel vakgebieden waarvan je wellicht geneigd bent het aan de ‘experts’ over te laten. Maar experts hebben een hele grote beperking: ze weten heel veel van iets, maar bijna niets van alle anderen dingen. Waarom zouden er toch toch zoveel doden vallen in ziekenhuizen? Juist, omdat de specialisten geen benul hebben van de andere vakgebieden.

Zaden van voedselgewassen kun je opslaan in een doomsday vault, maar als het klimaat of de ecologische verbanden veranderen, moeten de zaden zich aanpassen. Daar heb je een levende zadenbank voor nodig. Diversiteit is nodig om die aanpassingen mogelijk te maken. Zo is onze kennis ook niet statisch: er is, gelukkig, zoiets als voortschrijdend inzicht. Als persoon, maar ook als collectief, maken we een ontwikkeling door. En hoe meer mensen parate kennis en ervaring hebben, en hoe meer die gedeeld wordt, hoe sneller ons begrip van complexe zaken zich kan ontwikkelen. En dat is hard nodig: alles is in crisis.

Loslaten

loslatenDit is het tijdperk van loslaten. Loslaten van schijnzekerheden, consumptie, de media, vastgeroeste overtuigingen, bezittingen, geld, werk, technologie, olie (en dus ook transport over grote afstanden, plastic, pesticiden en farmaceutica), wegwerpartikelen, noem maar op – alles waar we (direct of indirect) ziek van worden en dood van gaan.

De schijnzekerheid die geld geeft is misschien wel het moeilijkst los te laten”

Loslaten is heel bevrijdend, maar doodeng. Je moet steeds weer door een rouwproces. Dat is niet makkelijk, maar het is absolute noodzaak onder ogen te zien dat ons zelfdestructieve gedrag niets anders is dan een verslaving – en dat die verslaving te wijten is aan de vernietiging van gemeenschapsgevoel door het kapitalisme. Zodra we weer gemeenschapsgevoel hebben, zal onze neiging tot consumeren wegvallen. Maar de schijnzekerheid die geld geeft is misschien wel het moeilijkst los te laten. Het is net bungeejumpen: de stap over de rand nemen is voor veel mensen ondenkbaar. Je moet echter het vertrouwen hebben dat het elastiek je val zal remmen, zodat je niet te pletter valt. Het elastiek is in het echte leven de verbinding met je omgeving. Die kun je opbouwen voordat je echt geld los kunt laten.

Het is een tijd van loslaten, maar tegelijkertijd is het ook een tijd om vast te houden: vriendschappen, vertrouwen, liefde, verbondenheid, diversiteit, kennis, hoop en alle andere eerste levensbehoeften – kortom, alles wat ons in leven houdt en gezonder maakt.

Het is een zware, lange weg, maar vergeet niet: gemak doodt de mens.

Grond

Stel je voor dat deze appel de planeet Aarde is (in het echt: 12.000 km in doorsnee). Rond, mooi, en vol goede dingen. Water (oceanen, meren, rivieren en beken) bedekt ongeveer 75% van de oppervlakte.

Verwijder dus driekwart van de appel en leg deze terzijde.

 

 

 

Wat overblijft (25%) is dus droog land.

50% van het land is woestijn, poolgebied of bergachtig waar het te heet, te koud of te hooggelegen is om productief te zijn.

Snijd de kwart dus door de helft en leg deze terzijde.

 

 

 

Als je dit gedaan hebt, blijft er dus nog 12,5% van de appel over.

Van die 12,5% is 40% ernstig beperkt door het terrein, vruchtbaarheid of bovenmatige regenval. Het is te rotsachtig, steil, ondiep, arm of te nat om voedselproductie toe te staan.

Snijd 40% weg.

 


Nu heb je nog maar 10% over, bij benadering (de wetenschappelijke gemeenschap heeft moeite met het vinden van een exact getal).

Haal de schil van het schijfje af.

 

 

 

 

De overgebleven 10% (±) is de hoeveelheid bodem waarvan wij afhankelijk zijn in de wereld voor onze voedselproductie. Het moet ook nog voorzien in alle andere behoeften..

Laat dit even tot je doordringen. We moeten heel zuinig zijn op dat flinterdunne schilletje.

Bron: NASA

Successie

Successie is de opvolging van plantgemeenschappen in beschadigde ecosystemen. Er gebeuren wel eens natuurrampen: bosbranden, tornado’s, vulkaanuitbarstingen, aardbevingen, zeebevingen (tsunami’s), aardverschuivingen, een akker die geploegd wordt… dat soort dingen. Zo lang dat niet op al te grote schaal gebeurt is dat niet zo erg, maar wij veroorzaken aan de lopende band enorme natuurrampen. Nederland wordt elk jaar voor een groot deel weer teruggebracht in de pioniersfase.

De natuurlijke successie wordt altijd weergegeven als een opeenvolging van plantgemeenschappen, en dat is het ook wel, maar de planten groeien daar omdat de bodem zich ontwikkelt van extreem bacteriedominant naar extreem schimmeldominant.

Primaire successie begint met kale rotsen of iets dergelijks waar niets kan groeien, behalve korstmossen: een symbiose tussen algen of cyanobacteriën en een schimmel. Die koloniseren de rots en zorgen samen voor voedsel: de algen leggen koolstof en stikstof vast en de schimmels lossen met zuren en enzymen de gesteenten op, zodat de voedingsstoffen die daarin zitten vrijkomen. Biologische, chemische en fysische verwering levert minerale bodemdeeltjes op en fotosynthese organisch materiaal. Ook mossen kunnen zich heel snel vestigen.

Dan komen de pioniersplanten, wat wij onkruid noemen. Secundaire successie begint bij een kale, verstoorde bodem. De pioniersplanten bedekken deze zo snel mogelijk en produceren snel veel biomassa (en heel veel zaden), die de energie bevat om het bodemleven te laten floreren. Allerlei dieren zorgen ervoor dat er bacteriën en zaden in de bodem terechtkomen. Zo neemt de diversiteit snel toe.

Als er voldoende schimmels in de bodem zitten, nemen de meerjarige planten en grassen het over. En in ons klimaat worden deze weer opgevolgd door zonminnende struiken en pioniersbomen (bomen met kleine zaadjes die grote afstanden kunnen afleggen, zoals de berk, wilg en els). In de bomen zitten zo nu en dan vogels die besjes hebben gegeten van schaduwminnende struiken. Als ze wegvliegen, poepen ze de zaadjes weer uit (die meteen gestratificeerd zijn, waardoor ze kunnen ontkiemen).

Successie is de opvolging van plantgemeenschappen in beschadigde ecosystemen

De ecologische functie van een berk en andere pioniersbomen is dood neervallen. De bomen en struiken worden opgegeten door schimmels die daarbij ook de bodem binnendringen, waardoor de bodem nog schimmeldominanter wordt dan hij al was. De climaxbomen (soorten met grote zaden, zoals eik, beuk en kastanje) staan al een tijdje klaar tussen de pioniers, waar ze op hun beurt wachten om te domineren.

En zodra de climaxbomen na een paar honderd – of paar duizend – jaar ook dood neervallen, wordt de bodem weer verstoord en raken de schimmels beschadigd. De (secundaire) successie begint dan weer deels opnieuw, en de pioniersplanten nemen het weer even over.

Veel mensen strijden hun hele leven tegen onkruid omdat ze de bodem in de pioniersfase houden door te spitten en het onkruid uit te trekken. Juist door de bodem met rust te laten komt een bodem in een staat waar onkruiden niet van houden. Zo zijn we al tienduizend jaar voor niks aan het ploeteren.

Werk

evaluation_work“Wat ben je?” is een veelgestelde vraag. Of: “Wat wil je later worden?”, die aan kinderen gericht wordt. Waarmee bedoeld wordt wat voor werk je doet of wilt gaan doen. Kennelijk ben je niet een persoon, maar ben je je werk. En als je geen werk hebt, dan ben je dus niemand. In plaats van vragen wat iemand is, moeten we vragen wat iemand doet om klimaatverandering tegen te gaan. Of om soorten te behoeden voor uitsterven. Of om de bodem te beschermen. Of om de verbinding tussen mensen te vergroten. Dat soort dingen doen er namelijk toe.

Veel werk is op het moment volkomen nutteloos. Het is meer bezigheidstherapie; de zingeving is ver te zoeken. Ontslagen worden is dan een mooie kans om op zoek te gaan naar zingeving, maar waar je die zult vinden is onzeker (hopelijk op een meenderij). En anders toch met een regeneratieve activiteit, waarbij je verbinding ervaart met de natuurlijke omgeving en andere mensen.

Op een meenderij is geen werk in de klassieke zin des woords

Bijna iedereen kan werken. Maar het is ook van belang dat je diep werk kunt doen. Daarvoor is het nodig dat je langere periode niet gestoord kan worden en dat je jezelf ertoe zet niet afgeleid te worden. Dat valt in deze tijd niet mee. Er zijn overal dingen die om je aandacht schreeuwen. Het is dus de kunst om die factoren uit te schakelen, maar tegelijkertijd te werken aan je focus. Voeding is daarbij erg belangrijk. En het uitschakelen van technologie. En nog veel meer.

De mens is de enig diersoort die moet werken om te mogen leven. Op een meenderij is geen werk in de klassieke zin des woords. De eerste levensbehoeften zijn vervuld, want daar zorgen we gezamenlijk voor. Dat geeft iedereen de ruimte om na te denken over wat ze echt willen doen. Datgene waarvan je op je sterfbed spijt van zou hebben als je het niet gedaan had. Want alleen als je doet waar je hart ligt, vind je zingeving. En meestal is dat niet maar één ding; mensen zijn heel veelzijdig.

We zijn niet ons werk, we zijn onszelf.

Zonnestorm

ZonnestormAls een krachtige geomagnetische zonnestorm zou toeslaan, zou onze elektronische communicatie mogelijk gedurende meerdere jaren niet meer werken. Lichamelijk hebben we er geen last van, maar onze technologie wel. Een belangrijke reden om er voor onze eerste levensbehoeften niet afhankelijk te zijn. De laatste enorme zonnestorm was in 1859 en staat bekend als The Carrington Event. De telegraafsystemen over heel Europa en de VS vielen uit – sommige telegrafisten kregen zelfs een elektrische schok. Maar toen waren we nog niet afhankelijk van telecommunicatiesatelieten, GPS, het internet, telefoons voor van alles en nog wat. Er werd niet eens gevlogen. Als een grote zonnestorm toeslaat zijn al die technieken onbruikbaar. Vaste schijven van computers kunnen zelfs gewist worden. Dat kan een groot probleem zijn voor onze voedsel- en watervoorziening. 

De laatste enorme zonnestorm was in 1859 en staat bekend als The Carrington Event”

In 2012 was er een vergelijkbare zonnestorm, maar die was niet op de Aarde gericht waardoor we er niets van hebben gemerkt. Maar volgens Pete Riley van Predictive Science Inc. is de kans dat we in de komende tien jaar te maken zullen krijgen met een extreme zonnestorm maar liefst twaalf procent. Dat is niet niet gering.

Daarnaast is het schaarser worden van fossiele brandstoffen een goede reden om niet afhankelijk te zijn van hoogtechnologische snufjes voor onze voedselvoorziening. En klimaatverandering is ook een goede reden: we moeten veel minder energie in onze voedselproductie stoppen en een veel diverser systeem krijgen om veerkrachtig te zijn.